Je grenzen aangeven

Gezonde grenzen stellen is belangrijk. Niet alleen voor ons zelf om dat het ons een gevoel van veiligheid geeft, maar ook voor anderen. Mensen moeten weten wat jouw wensen, gevoelens en behoeften zijn zodat ze daar rekening mee kunnen houden. Het is niet voor iedereen even gemakkelijk om zijn/haar grens aan te geven, maar dat kun je leren.

Soms gaan mensen per ongeluk over de grens heen, soms zijn mensen te nonchalant, ongevoelig of vervelend. Wat de reden ook is, het is belangrijk en gezond om je grenzen aan te geven. Is het je wel eens opgevallen hoe ontspannen je bent bij een gevoelig persoon en hoe gespannen en alert je bent bij een lomp of dominant iemand? Je geeft je grenzen dus aan zodat mensen rekening houden met jouw wensen, gevoelens en behoeften.

Voordat we onze grenzen kunnen geven moeten we eerst onze grenzen kennen. Je leert je grenzen beter kennen door ze te voelen. Maak er een gewoonte van om meer aandacht voor je lichaam te hebben. Gevoelens zitten in je lichaam, vooral in je buik, schouders en hartstreek. Wanneer je aan je zelf merkt dat iets wat een ander zegt of doet je een onprettig gevoel geeft, des te duidelijker beeld je krijgt van wat jouw grenzen zijn. Leer dus naar je lichaam te luisteren.

Het is belangrijk om op het juiste moment je grenzen aan te geven. Als je steeds maar alles weg slikt dan zal je op een gegeven moment om iets kleins ontploffen. De ander ziet dat niet aankomen en schrikt zich rot. Het kan ook zo zijn dat je het moeilijk of eng vind om je grenzen aan te geven. “Waar ben je bang voor?” of “Wat vind je moeilijk?” Vaak is het de angst voor de gevolgen ervan. Angst voor hoe de ander reageert. Dat iemand zich misschien gekwetst voelt of juist heel boos wordt. Geef je grenzen aan in vier stappen.
1. Benoem de situatie.
2. Zeg hoe het voor jou is.
3. Geef de ander de gelegenheid om te reageren.
4. Geef aan wat je wel graag wilt.

Zes tips als mensen toch over je grenzen heen gaan:
1. Als je iets moeilijk vind zeg het dan. Hoe het gesprek ook gaat, wees trots op jezelf. Oefening baart kunst!
2. Denk niet direct dat mensen slechte intenties hebben. Positief denken. Mensen zijn over het algemeen niet tegen jou. Zo kun je beter zonder boos te worden je grenzen aangeven.
3. Wanneer je erg boos bent, wacht dan even totdat je zelf gekalmeerd bent en geef dan pas je grenzen aan. Als je boos je grenzen aangeeft dan zal de ander altijd in de verdediging schieten en dat helpt de situatie niet.
4. Je wilt dat anderen je grenzen respecteren. Wat je niet wilt is de relatie beschadigen. Houdt dat doel voor ogen.
5. Wanneer de ander niet goed reageert geef hem dan even de tijd. De ander mag emotioneel reageren en zich boos, verdrietig of gekwetst voelen. Je grenzen goedpraten heeft totaal geen zin. Wacht totdat de emoties zijn gezakt en praat dan verder.
6. Geef altijd je grenzen aan op een respectvolle manier. Als je dat doet, dan heb je niets te verliezen. Als de ander boos blijft dan ligt dat bij hen en niet bij jou. Je kunt de ander vragen wat hun zo raakt om zo het gesprek op gang te houden. Sluit de ander zich blijvend af of de ander niet voor rede vatbaar laat dit je niet afschrikken in de toekomst. Blijf altijd je grenzen aangeven. Je zult merken dat het je een beter gevoel geeft en dat relaties verbeteren.

Advertenties